De waarheid achter pesten

Gepubliceerd op 22 oktober 2021 om 14:26

Pesters zijn er altijd al geweest. We kunnen ons allemaal wel iets van pestgedrag herinneren uit onze jeugd. Ongeacht of we een pester, getuige of slachtoffer waren. Toch is pesten pas kortgeleden zo omvangrijk geworden dat er groot alarm werd geslagen. Er zijn onderhand maar weinig  schooldistricten waar nog geen antipest programma is opgezet geweest.  Toch is er weinig bekend over de bron van pesten en waar het eigenlijk vandaan komt. 

De voorgestelde maatregelen zijn( zoals viel te verwachten) weinig efficient want daarmee richt men zich meer op het gedrag dan op de oorzaak. En dan heb ik het niet over de dodelijke schietpartijen op middelbare scholen die werden uitgelokt door pestgedrag. Het klopt dat de afwezigheid  van volwassen  in het leven van kinderen een belangrijke oorzaak is voor pesten maar de ware dynamiek bestaat niet uit het ontbreken van autoriteit maar uit gebrek aan hechting van volwassenen(ouders). Met andere woorden: Het gemis van volwassen autoriteit houdt direct verband met het verzwakken van hechting aan volwassenen en wordt vervangen door leeftijdgenoten. 

 

In een wilde parkpark maakten een paar dierenverzorgers zich zorgen om de afslachting van zeldzame witte neushoorns. Eerst dacht men aan stropers, maar later bleek dat een groep opstandige jonge olifanten verantwoordelijk waren. Het verhaal begon zo'n tien jaar geleden toen het park te klein werd voor door te grote aantal van olifantenkudde. De verzorgers besloten om veel volwassen olifanten te slachten  van wie de jongen oud genoeg waren om zelfstandig te overleven. Daardoor groeiden de jonge olifanten zonder vader op. Na verloop van tijd begonnen veel van deze jonge olifanten in groepen rond te trekken en dingen te doen die olifanten gewoonlijk niet deden. Ze gooiden takken en water naar de neushoorns en gedroegen zich als pestkoppen. Enkele jonge mannetjes werden zeer gewelddadig en duwden de neushoorn om, stapten of trapte op hen. De oplossing was de inbreng van een groot mannetje, dat leider zou worden en hun pestgedrag zou tegengaan. De nieuwe stier werd al snel dominant en zette de jonge olifanten op hun plaats. Het moorden van neushoorns stopte. 

Ook onder kinderen is pesten het gevolg van het verlies van een relatie met een een volwassenen (ouder). Meeste pesters komen uit probleem gezinnen die sterk op leeftijdgenoten waren georiënteerd nadat ze hun emotionele hechting aan volwassenen hadden verbroken. Het onderliggend probleem is niet het gedrag op zich, maar het verlies van een natuurlijk hechtingsband waarbij volwassenen de leiding nemen. Als jongeren geen ouders hebben om zich op te kunnen oriënteren rest hun niets anders dan hun instinct en impulsen te volgen. Helaas gaat men vaak voorbij aan de dynamiek van pestgedrag dat diep geworteld is in instinct en emotie. Iedereen maakt zich alleen zorgen om wat direct zichtbaar is. Het traditionele stereotype beeld van de pestkop als een buitenbeentje dat sociaal achtergesteld is en het gemunt heeft op de zwakeren en de kwetsbare klopt niet meer. In de wereld van onze kinderen zijn pesters  geen buitenstaanders. Ze hebben vaak een grote schare volgelingen. Veel agressieve en asociale jongens worden op basisschool beloond met populariteit. Het is een veel voorkomende misvatting dat pesten ontstaat door moreel falen doordat iemand thuis  wordt mishandeld of doordat we te zwak zijn geworden of doordat kinderen worden blootgesteld aan geweld in allerlei vormen. Dat is inderdaad een verklaring voor sommige aspecten van pesten. Maar Ik ben er van overtuigd dat pesten zelf het resultaat is van een mislukte hechtingsband. Wist je dat kinderen die meer dan dertig uur per week zonder moeder  doorbrachten een kans hadden van zeventig procent om te eindigen als pesters ? Ik wil allereerst beginnen met te zeggen; dat pesten niet bewust gebeurt. Kinderen kiezen er niet bewust voor om pesters te worden en hoeven dat ook niet te leren. Het is verkeerd om te denken dat het agressieve gedrag van een pester een weerspiegeling is van de ware persoonlijkheid. Pesters zijn niet de rotte appels, maar eerder  appels met een harde schil, waarvan ouders en docenten maar moeilijk een zelfstandig individu kunnen maken. Pesten is het resultaat van de interactie tussen de twee belangrijke dynamieken in het emotionele deel van de hersenen: hechting en afweer. Als we een pester willen redden moeten we hem of haar eerst op zijn plaats zetten en niet in de zin van hem een lesje leren, straffen of kleineren. Maar in de zin van hem terug opnemen in een natuurlijke hechtingsband. Achter het ruige masker gaat een diep gekwetste en zeer eenzame jongen schuil wiens stoere gedrag verdwijnt in het gezelschap van een oprechte zorgzame volwassene. Ik heb eens gevraagd aan een pester hoe dat voelde, dat iedereen bang is voor hem? ' zijn antwoord was: Ik heb zoveel vrienden maar eigenlijk heb ik geen enkele vriend, en van daaruit begon hij heel de tijd te huilen. 

Waarom zal een kind met een gebroken hechtingsband een pester of een slachtoffer worden? 

De primaire rol van hechting is om het rijpe, zorgzame volwassene mogelijk te maken om voor een kind mogelijk te maken om voor een behoeftig jong kind te kunnen zorgen. Een kind gaat zich tot een pester ontwikkelen als de ouder er niet is in geslaagd om hem het zekere gevoel te geven dat er een competente, goedwillende en daadkrachtige ouder aan het roer staat. Het is weliswaar zo dat het kind ouderlijke sturing afwijst en streeft naar meer autonomie dan het aankan, maar toch verlangt het naar iemand die sterk en verstandig(emotioneel intelligent) genoeg is om voor voor hem/haar te zorgen. Sommige ouders proberen teleurstelling en frustratie te vermijden door hun kinderen telkens hun zin te geven. Kinderen die op die manier worden opgevoed krijgen nooit te maken met de noodzakelijke frustratie die leidt tot een confrontatie met het onmogelijke. Het ontbreekt hen aan de ervaring van het omzetten van frustratie in gevoelens van vruchteloosheid van loslaten en aanpassen. Andere ouders zien het verschil niet tussen respect voor hun kinderen en voorzien in hun behoeften en voldoen aan al hun wensen. Veel ouders in het huidige zeer instabiele sociaal economische klimaat zijn lichamelijk aanwezig voor hun kinderen maar worden te veel door de stressfactoren in hun leven in beslag genomen om ook emotioneel aanwezig te zijn. Als ouders te behoeftig of te passief of te onzeker zijn om hun dominantie uit te oefenen zal het kind door dat tekort die dominante positie vanzelf vanuit zijn hechtingsinstincten innemen. Zulke kinderen kunnen bazig en overheersend worden. Zoals een vijfjarige jongen eens tegen zijn moeder zei: 'Hoe kun je zeggen dat je van me houdt  terwijl je niet doet ik zeg? En een andere kleuter fluisterde zijn moeder in het oor: Als je niet naar me luistert, vermoord ik je als ik groter ben'. Als ouders er niet in slagen om hun rechtmatige positie in te nemen in de relatie met hun kinderen ontstaat er een omgekeerde hechting. Ik zie in mijn eigen werkplek dat kinderen hun ouders steeds meer zijn overheersen. Als kinderen zich op leeftijdgenoten gaan oriënteren en daar hen hechting gaan zoeken kiezen hun hersenen de dominate modus. Dan gaan ze baas spelen over hun leeftijdsgenoten. Hoewel pesters zich er niet van bewust zijn zitten ze vol frustratie vanwege het verlies van hun hechting aan volwassenen. Ze zitten in de val. Ze kunnen nooit vragen  om datgene wat ze echt nodig hebben: warmte, liefde, relatie, ontzag, of de praktische uiting ervan.  Een kind met een goede hechting zal altijd voor zichzelf opkomen omdat hij weet dat zijn ouder altijd geloofden in hem en achter hem staan. 


Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.